Nieuws

Perscommuniqués

VERKIEZINGEN

PERSCOMMUNIQUE VAN DE KONINKLIJKE MAATSCHAPPIJ VOOR DIERENBESCHERMING “VEEWEYDE”

 

EEN NIET ONBELANGRIJK ELEMENT !

In Nederland richtten de dierenvrienden een politieke partij op die twee zetels binnenhaalde bij de recente verkiezingen.

In België kozen de Dierenbeschermingsorganisaties voor een andere weg: het politieke milieu bewust maken van het belang dat zij hechten aan initiatieven in het voordeel van het welzijn van de dieren.

De Verenigingen voor Dierenbescherming, die samen verschillende tienduizenden leden tellen, zowel in Wallonië als in Brussel en in Vlaanderen, konden de politieke partijen aan de test onderwerpen bij de stemming van de wet die het in winkels tentoonstellen en verkopen verbiedt van jonge gezelschapsdieren, gescheiden van hun moeder, niet gesocialiseerd en bijgevolg mogelijk kampend met gedragsproblemen zoals agressiviteit.

De Verenigingen voor Dierenbescherming en de dierenvrienden strijden al ettelijke jaren om een einde te maken aan die praktijken. Ze zijn dan ook verheugd met het resultaat van de stemming: alle partijen hebben voor gestemd met uitzondering van de CD&V, het Vlaams Belang en de kleine nieuwe partij van ex-judotrainer Jean-Marie Dedecker.

Zoals de verenigingen beslisten, hebben zij ondertussen de houding van deze drie partijen klaar en duidelijk gecommuniceerd aan hun leden opdat zij de nodige conclusies kunnen trekken.

Het gaat hier om een nieuw en niet onbelangrijk element wat de Vlaamse kiezer betreft dat de vooruitzichten na de verkiezingen van 10 juni zondermeer zou kunnen wijzigen.

____________________________________________________________

VEEWEYDE PROTESTEERT TEGEN OPHOKMAATREGELEN VOOR VOGELS

Perscommuniqué - 7 september 2006

Net als de Koninklijke Belgische Liga voor de Bescherming van Vogels, laat de Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde weten niet opgezet te zijn met de huidige ophokmaatregelen in het licht van de vogeltrek.

Veeweyde kan niet anders dan vaststellen dat er een ware angstpsychose ontstaat ten overstaan van wilde vogels wegens het voortdurend verspreid worden van desinformatie.

Veeweyde vraagt zich af hoe het komt dat het nooit tot een dialoog komt tussen de overheid en de vele verenigingen die begaan zijn met dierenbescherming. Zulk een dialoog zou kunnen duidelijk maken dat de kans op de overdracht van het H5N1 virus door toedoen van trekvogels nagenoeg onbestaande is en de zware maatregelen die nu worden getroffen buiten proportie zijn. Uiteraard zijn het opnieuw de vele kweekbatterijen die profiteren van de huidige aanpak.

WREEDHEDEN IN CHINA: VERBORGEN CAMERA SCHIET BEELDEN VAN HONDEN DIE LEVEND WORDEN GEVILD

Perscommuniqué - 22 augustus 2006

De Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde wil haar verontwaardiging uiten na het bekijken van een videofragment op de website van PETA ( www.peta2.com/takecharge/swf/fur_farm.swf ).

Veeweyde vraagt aan alle media die dit communiqué ontvangen en aan de mensen die er kennis van nemen om (al is het maar naar het begin van) het fragment te kijken, opgenomen met een verborgen camera in een hondenslachterij. Honden worden levend gevild door hun slachters. De beelden zijn van een dusdanig sadistische wreedheid dat ze niets anders dan afkeer en verontwaardiging oproepen.

Veeweyde informeert zich ondertussen over de verdere tegenmaatregelen die kunnen worden genomen in ons land en door onze regering, die het invoeren van honden- en kattenpels reeds heeft verboden. Moeten we zover gaan om Chinese producten te boycotten alsook de olympische spelen in 2008?

Veeweyde nam reeds contact op met de Ambassade van China in België.

ACHTERLATEN VAN DIEREN

Perscommuniqué - 04 augustus 2006

De Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde wenst enkele zaken nader toe te lichten in een domein dat haar beter dan wat ook bekend is.

We worden geconfronteerd met meerdere problemen die de tussenkomst van de politiek vragen.

Het eerste is zonder twijfel de stijging van het aantal dieren in de asielen. Toch moeten we vermelden dat het aantal dieren dat in het bos of op straat achtergelaten wordt gevonden gevoelig gedaald is. Het spreekt voor zich dat de wet op de dierenbescherming van 14 augustus 1986 daar voor iets tussenzit.

Het tweede probleem is het kweken voor commerciële doeleinden. Een betere controle en het terugschroeven van de kosten voor een sterilisatie kunnen helpen om het aantal afgestane en achtergelaten dieren omlaag te halen.

Het derde probleem betreft de vaak illegale en sowieso slecht gecontroleerde import van de dieren uit Oost-Europese landen, dikwijls in zeer slechte omstandigheden.

Het vierde probleem ten slotte zijn de vele dierenwinkels die zelf niet in orde zijn met de dieren die ze verkopen, en onrechtstreeks zorgen voor veel afstanden.

Dat is een verklaring voor de stijging van het aantal afgestane dieren in de asielen, die in de zomer dikwijls vol zitten omwille van onverschilligheid en egoïsme. Een fenomeen dat ons zorgen baart is het afstaan van een dier om op vakantie te kunnen gaan, om vervolgens weer met een andere dier naar huis te gaan na het verlof. Zulke praktijken vragen om adequate maatregelen.

Waar ook eens aangekaart moet worden, is het feit dat de gemeentes verplicht zijn een kennel ter beschikking te hebben. Wat in werkelijkheid gebeurt, is dat ze een beroep doen op een asiel zonder het daarvoor te vergoeden. In Brussel bijvoorbeeld, is het enkel de gemeente Anderlecht die tegemoetkomt in de gemaakte kosten, althans toch wat Veeweyde betreft.

Wat de cijfers betreft, moet ook een en ander worden aangestipt. In 2005 vingen de drie asielen van Veeweyde (Brussel, Doornik en Turnhout) samen 3034 honden op, waarvan 1812 afstanden, 1153 gevonden honden, 59 honden in bewaring en 10 in beslag genomen dieren.

Van de 3034 honden, werden er 1339 geadopteerd en 850 gingen opnieuw naar hun eigenaar.

Wat de katten betreft, zijn de verhoudingen ongeveer gelijk, alleen liggen de absolute cijfers een stuk hoger.

We hopen dat deze informatie ertoe zal bijdragen een beter zicht te krijgen op de reële situatie in de asielen. Het voor ogen gestelde doel moet dubbel zijn: verhoogde controle op het kweken van gezelschapsdieren en het bewust worden van de immoraliteit van het achterlaten van diezelfde dieren.

DE NIEUWE VOORZITTER VAN VEEWEYDE

Perscommuniqué – 15 mei 2006



Roland GILLET
Voorzitter KMDB VEEWEYDE

De KMDB VEEWEYDE heeft de eer u mee te delen dat ze de eresenator Roland GILLET tot voorzitter heeft gekozen.

De heer Gillet, zeer gekend op internationaal vlak waar hij als symbool van België wordt beschouwd op het gebied van de dierenbescherming, onderscheidde zich meermaals, zowel in België als in de rest van de wereld, tijdens verscheidene interventies.

Herinnert u zich de geslaagde strijd die hij voerde samen met zijn voorganger, Roger Arnhem, en een einde stelde aan de vogeljacht. Zo waren er ook zijn manifestaties in Canada tegen de jacht op babyzeehonden en in Korea tegen de consumptie van hondenvlees.

Als eerste Parlementslid dat het gebrek aan wetgeving aanklaagt ten gunste van de dieren, ontwierp hij verschillende wetsvoorstellen die resulteerden in de wet van 14 augustus 1986 voor de Bescherming en het Welzijn van dieren, waarvan hij de belangrijkste opsteller was.

Als lid van verschillende dierenbeschermingsorganisaties, strijdt hij steeds voor de dieren. Onder zijn ervaren leiding zal Veeweyde op alle vlakken nog meer succes kunnen boeken in haar strijd tegen het lijden van haar trouwe vrienden, de dieren.

De heer Georges Potelle, Voorzitter van de Nationale Vereniging Voor Dierenbescherming, waaraan hij reeds zijn hele even wijdt, zal als ondervoorzitter zijn medewerking verlenen.

OVERLIJDEN VAN ROGER ARNHEM

Perscommuniqué – donderdag 13 april 2006

Brussel. De KMDB Veeweyde en het Koninklijk Belgisch Verbond voor de Bescherming van de Vogels (KBVBV) rouwen om het heengaan van hun voorzitter en oud-voorzitter, Roger Arnhem, op woensdag, 12 april 2006 in Antwerpen. Hij werd 80 jaar.

Met Roger Arnhem verdwijnt een van de belangrijkste figuren van de dierenbescherming. Hij was de oprichter van het Coördinatiecomité voor de Bescherming van Vogels (CCBV) in 1964, voorzitter van het Koninklijk Belgisch Verbond voor de bescherming van de Vogels (KBVBV) van 1976 tot 2003, en voorzitter van Veeweyde sinds 2001. Zijn leven stond in het teken van het behoud en de bescherming van de vogels en andere dieren.

Beide verenigingen willen hun medeleven betuigen aan de de familie van Roger Arnhem in deze moeilijke tijd.

De begrafenisplechtigheid zal plaatsvinden op donderdag, 20 april 2006.

Roger Arnhem (1925-2006)

Een passie voor vliegen

Sinds zijn kindertijd, die hij doorbracht in Elsene, was Roger Arnhem gefascineerd door vliegtuigen. Zijn droom: vliegen. Tijdens de oorlog observeerde hij de Duitse militaire vliegtuigen. Op 14 augustus 1944 werd hij door de Gestapo van de Luftwafe in Zaventem opgepakt. Gelukkig werd hij na vijf dagen van ondervraging weer vrijgelaten. In 1946 richtte hij het eerste maandelijkse tijdschrift voor luchtvaart op na de oorlog: “PILOTE”. Een mooie carrière bij de luchtmacht volgde. (1)

Een passie voor vogels

Roger Arnhem was dol op vliegtuigen, maar tevens op alles wat maar vliegen kon. Hij droeg de vogels altijd in zijn hart. Hij las alles wat over over vogels te lezen viel en werd veldornitholoog. Sinds 1949 werkte hij samen met het Belgisch Ringwerk en werd in 1964 regioverantwoordelijke voor de provincie Antwerpen; dat bleef hij tot 1979. Samen met zijn broer, Jean Arnhem , schreef hij de “Gids voor de ringer”, uitgegeven in 1968 door het Patrimonium van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN). Voor 1960 kwamen heel wat ringers uit het vogelvangstmilieu. Zij ringden voornamelijk de vogels die ze niet geschikt vonden om in een kooi te houden. Zo werden mannetjeskoolmezen meestal gevangen, en enkel de vrouwtjes geringd en weer vrijgelaten. De geringde soorten waren in essentie zij die interessant waren voor de vogelvangst zoals: vinken, groenvinken enz. “In de periode 1958-1960 werd het systeem onder impuls van Roger Arnhem volledig gereorganiseerd.”, aldus Pierre Collette (2).

Begin mei '67, ontdekte Roger Arnhem het eerste geval van nestvorming van de kramsvogels in kleine “kolonies” in Elsenborn (3). Al gauw werd de bescherming van de vogels een van de belangrijkste doelen in zijn leven.

De expedities naar de Zuidpool (EXANTAR)

Eind 1967 stelde Roger Arnhem zich vrijwilliger om een Cessna 180 te besturen tijdens een expeditie naar de Zuidpool. Het was Baron de Gerlache die hem bevestigde dat hij was uitgekozen voor de missies SANAE 9 en SANAE 11 (4). Hij moest er helpen bij het fotograferen van het landschap van Queen Maud Land voor het ontwerpen van landkaarten door het Nationaal Geografisch Instituut.

Na de eerste expeditie vlogen Roger Arnhem en vijf van zijn collega's van Cape Town naar Brussel in hun kleine vliegtuigjes; ze deden er 17 dagen over: 85 vlieguren en 23 tussenlandingen. (7).

Tijdens de tweede expeditie crashte het vliegtuig van Roger Arnhem. Gelukkig kwam hij er enkel met een lichtjes verschroeide baard en wenkbrauwen van af.

Roger Arnhem observeerde en fotografeerde tijdens zijn verblijf op de Zuidpool ook de vele vogels die het continent rijk is. Op 22 februari 1970 stuurde hij zelfs van op de Zuidpool een telegram naar Minister Charles Héger met de vraag een halt aan de vogelvangst toe te roepen.

Het CCBV en de strijd tegen de vogelvangst

Waarom een Coördinatiecomité voor de Bescherming van Vogels (CCBV) oprichten? (8). De voorzitter, Roger Arnhem, leg het ons zelf uit in een brief van 29 oktober 1964 geadresseerd aan het Belgisch Verbond voor de Bescherming van de Vogels: “Dat er op het domein van de vogelbescherming tot nog toe niet veel successen zijn geboekt, ligt aan de slechte coördinatie van de verschillende vogelbeschermers... Het gaat hier niet om het oprichten van een nieuwe vereniging, noch om het oprichten van een federatie. Het Comité is enkel in het leven geroepen om alle huidige krachten te bundelen die eenzelfde doel hebben en momenteel al te zeer verspreid zijn.”

“…Met plezier gaan wij in op uw vraag tot nauwere samenwerking in de strijd voor onze kleine beschermelingen.” Zo drukte de heer Toussaint, voorzitter van het Belgisch Verbond, zich uit in een brief van 16 november 1964 gericht aan de heer Arnhem. De heer Docclot werd aangeduid als vertegenwoordiger van het Belgisch Verbond bij het CCBV. Het was een kleine beslissing die twaalf jaar later van groot belang zou zijn voor het Belgisch Verbond en het Comité.

In ons land werd de vogelvangst afgeschaft in 1972. Dat resultaat kwam er dankzij de uitstekende samenwerking tussen verschillende natuurverenigingen waarbij het CCBV een prominent e rol had gespeeld. De voorzitter van het CCBV speelde ook een belangrijke rol bij de bescherming van de roofvogels (10).

Het Belgisch Verbond voor de Bescherming van de Vogels: de strijd gaat verder

“De heer Arnhem stelde voor om het Verbond te laten fusioneren met het CCBV. De naam van het Verbond moet volgens hem behouden blijven, die gezien zijn geschiedenis, beter bekend is... Ik heb het voorstel tot nu proberen te ontwijken, ook al omdat ik niet bevoegd ben om alleen te beslissen. De waarheid is dat wij een zeer arme vereniging zijn, en dat het bijzonder beschamend is om met lege handen aan te komen. Gezien onze financiële situatie dit jaar verbeterd is (…) vind ik dat we moeten overwegen een goede oplossing te vinden. ”, schreef voorzitter Docclot in 1973 (11).

In 1976, enkele maanden voor het overlijden van de heer Docclot, aanvaardde Roger Arnhem het voorzitterschap van het Belgisch Verbond. Hij bleef er voorzitter tot 2003.

KMDB Veeweyde

Roger Arnhem was eerst Beheerder (1975) en Ondervoorzitter (1978) tot hij in 2001 Voorzitter werd van de Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde. Hij zette zijn werk voor de dierenbescherming voort zoals hij dat voor de vogels deed, maar nu ook voor afgestane en verloren huisdieren. Heel zijn leven was gewijd aan de bescherming van de dieren.

Boeken, studies, tijdschriften...

Roger Arnhem schreef als ornitholoog verschillende artikels, studies en rapporten over de bescherming van de vogels (12).

Hij kon ook heel goed schrijven voor een groot publiek. Zijn boek “Vogels van Europa”, verschenen in 1979, kreeg heel wat lofbetuigingen in de pers. “Een werk met een nieuwe tekst, nieuwe illustraties… Het resultaat? Een boek dat een gids en kennismaking is met de wereld van de vogelbescherming.” (Le Soir) (13). Paul Géroudet, de bekende ornitholoog, zei over het boek dat het grenzen wilde verleggen in vergelijking met klassieke werken. “ Roger Arnhem geeft in zijn boek nuttige informatie over het leven van de vogels zelf... en toont zo aan dat ze moeten beschermd worden.” ( La Libre Belgique ) (14).

Maar waar hij zonder twijfel het meest trots op kon zijn, was de publicatie van het tijdschrift van het CCBV. In het begin enkel een gestencild blad, groeide het uit tot een volwaardig magazine in kleur: “Mens en vogel”. (15). Het verscheen in beide landstalen, wat het werk er niet makkelijker op maakte. “Mens en vogel” werd door zijn kwaliteit een internationale referentie.

Nationale en internationale erkenning

Roger Arnhem was secretaris bij de Belgische afdeling van de Internationale Raad voor de Bescherming van de Vogels (1979), lid van de raad van beheer van het Interventiefonds voor Roofvogels (1979), beheerder-oprichter van de organisatie Inter-Environnement (1979) en CITES expert (1996) (16). Roger Arnhem kreeg verschillende onderscheidingen: de “Gouden Insigne” van de “ Deutscher Bund für Vogelschutz” (17), de “Gouden Spatel” van de “Nederlandse Vereniging tot Bescherming van de Vogels” (18), het “Kruis van Ridder in de Orde van de Natuur” van de “Internationale Liga voor Dierenrechten” (19).

In 2002 ontving hij uit de handen van Prins Laurent de medaille van “Commandant in de Kroonorde” (20)

VEEWEYDE TEGEN BONT

Persbericht 07/02/06

Ook de Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde moet vaststellen dat bont weer in opmars is. Als organisatie die opkomt voor dierenwelzijn kunnen wij dat alleen maar betreuren. Duizenden dieren die moeten lijden zodat de mens zich bontmantels kan aanmeten, het is een concept waarvan wij het nut niet kunnen inzien. Er zijn zoveel alternatieven die geen dier kwaad doen, maar daar hebben heel wat mensen blijkbaar geen oren naar. Ook het dragen van nepbont kan anderen aanzetten tot de aanschaf van kleding gemaakt van echte pels. Wees steeds bewust van welk signaal je uitzendt. Ons signaal is duidelijk: bont dragen is fout en onvergeeflijk!

DE VOGELGRIEP: HET STANDPUNT VAN KMDB VEEWEYDE

Persbericht 18/01/06

Wat we de afgelopen maanden zagen ontstaan, was niets minder dan een heuse paniekgolf. We vinden het dan ook onze taak als dierenbeschermingsorganisatie een en ander in perspectief te plaatsen. Om te beginnen is er helemaal geen reden tot blinde paniek. In België is tot nu toe geen enkel geval van vogelgriep vastgesteld. Als we echter een blik werpen op de plaatsen waar de eerste pesthaarden opdoken (China en Thailand) kunnen we niet anders dan herhalen wat we al zo lang zeggen. Ondanks alle media-aandacht, wil blijkbaar niemand ingaan op de verschrikkelijke mistoestanden in de Aziatische kwekerijen.

De levensomstandigheden in kwekerijen en legbatterijen zijn dermate onhygiënisch in landen als China en Thailand dat het zeker niet mag verwonderen dat het aviaire-influenzavirus er welig tiert.

Het is zonder meer duidelijk dat het probleem niet alleen rond de vogelgriep draait maar een dieperliggende welzijnskwestie blootlegt. Zolang het probleem niet bij de wortels wordt aangepakt, zullen er griephaarden blijven opduiken. Het is niet omdat het probleem zich in Azië stelt dat we ons onverschillig moeten opstellen. Gelukkig werd het gevaar voor besmetting via de import van uitheemse vogelsoorten door de politici ingezien en aan banden gelegd.

Toch blijven het vooral de trekvogels die als grote, zoniet enige boosdoener worden gezien. Trekvogels (meestal wildwatervogels) kunnen inderdaad drager zijn van een influenzavirus, zonder dat zij de symptomen van de ziekte vertonen. Wanneer ze in contact komen met pluimvee kan het virus vrij makkelijk overgedragen worden. Sommige typen kunnen vervolgens vogelgriep veroorzaken. Het is in geen geval zo dat de vogelgriep alleen met trekvogels moet worden verbonden. Laat dat nu iets zijn wat in de media nog niet is doorgedrongen, integendeel. De onnodige paniekreactie in ons land leidde al tot het verzaken van hulpverlening aan noodlijdende vogels. Zulke zaken moeten we toch trachten te vermijden. Gewonde vogels hebben recht op verzorging. Nadat het dier is afgezet bij een vogelopvangcentrum, heb je altijd de mogelijkheid je handen te ontsmetten.

In Roemenië en Turkije zijn de maatregelen in het kader van de bestrijding van de vogelgriep van een haast ongeziene wreedheid. Duizenden kippen, eenden en andere gevederden worden in plastic zakken gestopt en vervolgens ofwel levend begraven ofwel levend verbrand. In een brief aan de ambassadeurs van beide landen heeft Veeweyde hun officieel gepubliceerde excuses gevraagd alsook een blijk van bereidwilligheid maatregelen te treffen om zulke wandaden in de toekomst te vermijden.

We betreuren het vallen van dodelijke menselijke slachtoffers ten gevolge van het H5N1 virus . Maar is het echt nodig om zo barbaars te werk te gaan om de dreiging uit te schakelen? Moeten de dieren echt levend verbrand, verdronken of begraven worden? Om te beginnen is het aan de mens te wijten dat de vogelgriep een kans krijgt om zich te verspreiden. Het is namelijk de mens die zich niets aantrekt van de werkelijk wansmakelijke toestanden waarin fokkerijdieren in landen als China, Thailand en ook Turkije moeten “leven”. Het mag ons dan ook niet verbazen dat het eerder kweekgronden voor bacteriën en virussen zijn geworden. Dat de mens bovendien kippen uit besmette streken probeert te importeren, bewijst nogmaals hoe laag men vallen kan. Wordt het geen tijd dat de ware schuldige met de vinger gewezen wordt in plaats van onze prachtige trekvogels te blameren en een gruwelijke inquisitie te ontketenen tegenover onze gevederde vrienden?

SCHOLEN OP BEZOEK BIJ VEEWEYDE

Een leerrijke uitstap: met de klas naar dierenasiel Veeweyde te Anderlecht

De Koninklijke Maatschappij voor Dierenbescherming Veeweyde in Anderlecht hecht een groot belang aan het informeren van jongeren. Vele kinderen hebben namelijk een huisdier en dat maakt het natuurlijk belangrijk dat ze weten hoe ze op een verantwoorde manier met dieren kunnen omgaan. Het is nog steeds zo dat in veel gevallen dieren beschouwd worden als speelgoed dat wordt aangekocht weer weggegooid eens het nieuwe eraf is. We willen de kinderen bijbrengen dat een dier, net als de mens, een levend wezen is dat dient gerespecteerd te worden. Dieren zijn net als wij in staat plezier, angst en in het algemeen lijden te ervaren.

Tijdens de maanden september en oktober stromen de scholen toe voor een bezoek aan ons asiel te Anderlecht. Vooral de periode rond werelddierendag (4 oktober) is traditioneel zeer druk. Het Cultureel en Educatief Centrum van Veeweyde leert de kinderen de problematiek rond huisdieren kennen en meer bepaald de verwaarlozing en de afstand, hopelijk gevolgd door een adoptie. Het bezoek steunt vooral op dialoog. Uiteraard staat een kijkje bij de dieren die we in het asiel opvangen ook op het programma. Het contact tussen de kinderen en de dieren lijkt alvast een positief effect te hebben!

In het kattenverblijf kunnen de kinderen de katten aaien en even vasthouden. Dat sommige poezen een zwaar leven achter de rug hebben, is van hun snoetjes af te lezen. Het meest indrukwekkend is natuurlijk het bezoek aan de honden, die wel eens nerveus durven worden bij het zien van zoveel mensen en dan heel luid beginnen blaffen! Voor de kinderen is het een echt feest om de dieren die buiten zitten zelf wat eten te geven. De pony's nemen met plezier wat nic-nac's aan, de geiten zijn dol op brood, de konijnen en hamsters knabbelen gretig op de worteltjes, de ganzen en kippen waggelen rustig rond en de eenden paraderen met de borst vooruit. De kakelende kalkoenen zorgen steeds weer voor hilariteit!

De strijd voor het dierenwelzijn vangt zonder twijfel aan met de opvoeding en meer bepaald een ethologische bewustwording. Als kinderen een boodschap van respect voor dieren meekrijgen op jonge leeftijd, zullen ze ook meer geneigd zijn daar later naar te blijven handelen. Het Cultureel en Educatief Centrum van Veeweyde zet zich daarom telkens weer in om de jeugd te helpen bij het aannemen van een positieve en respectvolle houding tegenover onze beste vrienden !

Leraren en opvoeders, denk eens aan de dieren vóór u uw jaarprogramma opstelt en plan gewoon eens een bezoek aan KMDB Veeweyde vzw als u er ook van overtuigd bent dat het nodig is de jeugd te sensibiliseren! Neem contact op met het Cultureel en Educatief Centrum op het nummer 02-527.10.50 en vraag naar Dhr. Alvin Reniers of e-mail naar a.reniers@scarlet.be. Met plezier verwelkomen we jullie in ons asiel te Anderlecht op een dag dat het u uitkomt zodat we onze ervaringen met u en uw leerlingen kunnen delen. Voor de scholen die zich niet of moeilijk kunnen verplaatsen komt iemand van het Cultureel en Educatief Centrum van Veeweyde ter plaatse om er een positieve dialoog op gang te brengen. U laat ons best minstens een week op voorhand iets weten.

Het maximum aantal deelnemers is 25 (begeleiders niet inbegrepen)
Een bezoek duurt ongeveer anderhalf uur en is volledig gratis.

KMDB Veeweyde vzw
Itterbeekselaan 600
1070 Brussel
Tel. 02-527.10.50